Skip directly to content

DROOMdenken: Coca Cola Dream

In DROOMdenken bespreken we een daadwerkelijk gedroomde droom. Met deze bespreking maken we een psychoanalytische manier van werken met dromen inzichtelijk. Deze rubriek verschijnt tegelijkertijd in het Psychoanalytisch Woordenboek.

Door: Marc Hebbrecht, Annelies van Hees, Minke de Jong en Rolien van Mechelen en de vierdejaars van de NVPA opleiding 2011-2012.

Analytici zijn op zoek naar de verborgen betekenissen van de droom, maar niet, zoals Freud het ons leerde, door bij elk element van de manifeste droom naar associaties te vragen om zo de latente droomgedachte op te sporen. Volgens Freud is de latente droomgedachte altijd van driftmatige aard. De ervaring leert dat de manifeste droom zelf veel aanknopingspunten biedt voor het psychoanalytische proces door te werken met de invallen van patiënt en therapeut. Daardoor kan bijvoorbeeld de overdracht een andere kleur krijgen, soms is de dagrest duidelijk te herkennen. Of een patiënt ontdekt het vermogen tot symboliseren. Zo voegt het analyseren van een droom bijna altijd iets toe aan een behandeling.

Coca Cola Dream

Dit keer analyseren we een droom die door een logé aan een ontbijttafel werd verteld. Door voor deze droom te kiezen omzeilen we listig de interferentie die in het analytische proces ontstaat wanneer we een droom uit een lopende analyse bespreken. Bovendien geven we dit keer geen antecedenten vrij over dromer/droomster bij het associëren over de droom.
 
Coca Cola Dream:
Well let me think: it is all very fussy in my mind, I think it was all about Coca Cola. I think I was the owner of a huge big shipload of red cans of Coca Cola. It was an amazing huge gift of the company. Didn’t know where it came from. And I gave it to young students in small bits, just through regular distribution channels. And they could sell it, and they did it through regular stores, a supermarket or so, they did that and they got all the money from the sale. Anyway that was the concept. So they could use it for their education. It made me feel good, it was a happy dream. Seems little weird why didn’t I take all the money? I guess I just wanted to help them.
 
Coca Cola Droom:
Ik moet even denken: het is allemaal nogal warrig, ik denk dat het over Coca Cola ging. Ik geloof dat ik de eigenaar was van een enorme scheepslading rode blikjes Coca Cola. Het was een verbazingwekkend groot cadeau van de maatschappij. Wist niet waar het vandaan kwam. En ik heb het in kleine hoeveelheden aan jonge studenten gegeven, via gewone distributiekanalen. En zij konden het verkopen, wat ze deden in gewone winkels, supermarkten of zo, dat deden ze en ze kregen al het geld van de verkoop. Dat was in elk geval het idee. Zodat ze het voor hun opleiding konden gebruiken. Ik voelde me er goed door, het was een gelukkige droom. Lijkt een beetje vreemd waarom heb ik zelf niet al het geld gehouden? Ik denk dat ik ze gewoon wilde helpen.
 
Zoals gewoonlijk beginnen we* na het voorlezen van de droom met associëren over wat we gehoord hebben:
 
Eerste vrije associaties:
  • Heel even was er de gedachte: wat een saaie en vooral wat een inhoudsloze droom. Maar meteen daarna: het is een leuke droom, een happy dream, in de zin van een happy meal. Hoewel, je voelt je lever vervetten terwijl je pas halverwege de eerste hamburger bent.
  • Hij doet me denken aan Father Christmas, het rode logo van Coca Cola is een beetje rondborstig. Het is zo heerlijk om de Goedheiligman te spelen, die geeft maar en geeft maar en hij is ook een beetje naïef. Ik vind het mooi dat aan het einde in een flits de krenterigheid naar boven komt. Dat is wel leuk.
  • En een associatie in dezelfde lijn, de associatie van Sinterklaas die coke (coke van Coca Cola!) uitdeelt, een onschuldig gemaakte maar zeer explosieve lading.
  • Kinderen, ach die studenten, die wil je alles wel geven. Al kom je er zelf zo af en toe een beetje aan te kort. Nou ja, soms zit je zelf wel eens met lege handen. Het is een leuke uiting van een ambivalente houding naar studenten/kinderen. Het kan gaan over je eigen kinderen. Ook die wil je niet alleen overladen met goede daden. Of zou het uitdelen een omkering zijn; dat je zelf iets niet kunt krijgen?
  • Het is een enorm grote gift van de maatschappij: alsof Coca Cola als een soort Godheid wordt gezien, dat het een gift van God is. Er is ontzag voor de grootmoedigheid van de schenker. Maar Coca Cola is ook een beetje gif. Het vergiftigt ook, sterker nog het is een vernietigend gif. Het is een gif dat dik maakt, ongezond is en waar veel troep in zit.
 
Kunnen we iets zeggen over de persoon van de dromer/droomster:
  • Wordt het eigenlijk duidelijk uit de droom of we te maken hebben met een dromer of een droomster? 
  • Het lijkt een mannendroom, hij is vertrouwd met studenten. 
  • Ik dacht de hele tijd dat het een vrouw was, daar ging ik vanuit. Ik identificeer me met het feit dat ze docent is. In ieder geval is de dromer niet meer jong want er is reflectie, waarom doe ik dat? Hij/zij kan ook 40 jaar zijn, er zit iets jolijterigs in, en een lading Coca Cola daar is een 50 jarige te bezadigd voor.
  • Het gelukkige gevoel rond het uitdelen van het zoete dodelijk dikmakende gif wordt aan het einde overdekt door het ambivalente: ik snap niet waarom ik ze niet zelf wil houden. Misschien is de dromer jaloers op de jeugd van de studenten. Je bent degene die het voor het zeggen heeft tijdens de colleges, maar zodra je de deur uitbent, zodra je de zaal uit bent, doe je er dan nog toe?
 
Andere elementen die opvallen in de droom:

De shipload die op zee drijft, ik zie het beeld van een deinende container, overgeleverd aan de elementen, losgemaakt van het moederschip, (is het de moeder of is er iets anders verloren) in ieder geval eenzaam drijvend. Daarnaast vraag ik me af of er een overdrachtelijke betekenis te geven is aan het geschetste beeld. Bijvoorbeeld, de container kan overal vandaan zijn komen drijven, bijna alsof hij uit de lucht is komen vallen of zelfs uit cyberspace. Misschien staan de Coca Colablikjes wel voor een stortvloed van mailtjes die een mailbox binnen stromen. Mails, niet te versmaden, vaak zit er een verrassing in, zoet en soms gif en/maar allemaal moeten ze verwerkt worden, verdeeld, doorgestuurd naar de studenten die er dan weer mee aan de slag gaan, (ze weer verkopen via de geëigende kanalen). Soms moeten ze verteerd worden en soms zou je ze zelf willen “oppakken”, (waarom hou ik het geld niet zelf) maar dat kan natuurlijk niet als je je handen vol hebt aan het distribueren van een shipload vol mails, als je ze, om zelf niet te verzuipen, weer weg moet zenden via dezelfde duistere distributiekanalen.

 
Anyway, afsluitend merken we op dat de droom een mooi klein verhaal is met een begin en een eind, er zit een lijn in en bij nadere beschouwing voldoende diepte om allerlei associaties te doen ontstaan.
 

Na dit eerste DROOMwerk sturen we droom en associaties naar Marc Hebbrecht die het volgende schrijft:

Mijmeringen over een droom

Intuïtief krijg ik na de eerste lectuur van de droom het gevoel dat de dromer een vrouw is, dat het dus om een droomster gaat. Maar na enig nadenken, lijkt het me mogelijk dat een man een dergelijke droom zou kunnen dromen. Ik volg mijn intuïtie en zal haar voortaan een droomster noemen.
 
Zoals Freud al schreef, kunnen dromen het karakter van een wensvervulling vaak onverholen te zien geven. Heeft de droomster dorst? Ik voel bij mezelf een dilemma opkomen: beperk ik me tot een banale interpretatie? Is ze zoals een kind dat zin in cola heeft en droomt dat deze in overvloed beschikbaar is? Of zal ik in de diepte gaan en het (te) ver gaan zoeken (cola associeer ik met de drug van kleine kinderen en met fast food)? Toch opvallend dat deze droom mij al direct voor dit dilemma plaatst. Wat kan het betekenen? Zou het niet beide kunnen zijn: een banale droom die een zeer wezenlijke fundamentele levensproblematiek verhult en aan het oog wil onttrekken?
 
Wil de droomster iets goed maken? Vooral ten aanzien van jongere mensen: hen geven wat ze lekker vinden, waarmee ze winst kunnen maken. Maar groeien ze ervan, worden ze er sterker van? Dat is zeer de vraag. De droomster vervult blijkbaar een belangrijke taak in de colabusiness. Berust haar vrijgevigheid op schuldgevoelens? Wat wil ze herstellen, waarom wil ze iets goed maken? Mogelijks heeft ze zich de voorbije dagen krenterig en kortzichtig gedragen ten aanzien van jonge mensen in haar naaste omgeving?
 
Vervolgens lijkt er me een tekort, een gemis te bestaan. Waarom droomt ze dat ze de eigenaar is van een enorme scheepslading rode blikjes Coca Cola? Een enorme scheepslading. Enorm? Dit doet me denken aan een compensatoire droom. Er kan een wensvervullend element meespelen: de wens te kunnen beschikken over een enorm kapitaal dat men zonder probleem kan weg geven. Kunnen geven ervaart ze als plezierig. Ze voelt er zich gelukkig bij. Dit doet me denken aan generositeit. Haalt ze haar tevredenheid vooral uit geven aan anderen? Wat heeft ze gehouden voor zichzelf? Is haar emotionele betalingsbalans genoeg in evenwicht is (geven versus krijgen? vasthouden of afgeven?). De droomster klaagt niet over beroofd zijn. Blijkbaar zijn haar innerlijke objectrelaties van een behoorlijke kwaliteit: ze is gericht op de ontplooiing van anderen, ze wil dat de jongeren vooruit gaan. De droom roept associaties op die ik in verband breng met het economische gezichtspunt van de psychoanalytische theorie: kapitaal, bezetting, investering, distributie, rendement…
 
Wellicht confronteert deze droom haar met het probleem van de generativiteit: de bekommernis dat de volgende generatie er komt, hierin leiding krijgt en haar doel bereikt. Heeft de droomster voldoende bijgedragen tot de werkelijke verrijking van haar medewerkers, haar kinderen, de volgende generatie of heeft ze alleen maar cola gedistribueerd? Elk kind is verlekkerd op cola, maar cola is ook zoet, flauw, een kind groeit er niet van. Het beeld komt me voor de geest van dikke Amerikanen die met grote kartonnen bekers in de hand, een hamburgertent verlaten. Maar ook van dikke kinderen die emotioneel niet genoeg aan hun trekken komen en zoet gehouden worden met TV, chips en cola. Wat denkt de droomster over de affectieve relatie met haar kinderen en/of haar medewerkers? Was deze goed genoeg? 
 
Blijkbaar heeft de droomster veel gekregen. Heeft ze de inzichten van vorige generaties, haar schoolse ervaringen, de inbreng van de omgeving kunnen doorgeven aan de volgende generatie? Vond ze dit zinvol? Wellicht heeft het haar gelukkig gestemd. Of bleef haar leven beperkt tot de distributie van het alledaagse, van oppervlakkige kennis en inzichten, banale ideeën die maatschappelijk algemeen aanvaard zijn? Ze beschikt over een groot kapitaal en goede distributiemogelijkheden maar hoe zit het met haar creativiteit en originaliteit ? Coca-Cola is maatschappelijk aanvaard, een uitdrukking van globalisering, ook van vervaging van cultuurverschillen. Coca-Cola als symbool voor onze westerse waarden (alleen in Noord-Korea, Cuba en Myanmar is/was geen cola te krijgen)? Maar met het risico van vervlakking. Het Amerikaanse kapitalistische model was succesvol, je kon er mooi geld mee verdienen. Maar wat hou je er zelf als persoon aan over? Heeft de droomster de goede borst verinnerlijkt of heeft ze het moeten stellen met een enorme scheepslading rode blikjes Coca Cola? De borst in zijn goede aspect is het prototype voor moederlijke goedheid, eindeloos geduld, generositeit en creativiteit.
 
Rode blikjes zijn ook weer niet het echte flesje. Wat is echt en wat is vals? Dit brengt ons bij narcisme en de problematiek van het onechte zelf.
 
Ging haar leven verder dan het doorgeven van een aantal conventionele, maatschappelijke inzichten en waarden? Ging het alleen om verhandelen? Beperkte ze zich tot het verheerlijken van simpele ideeën waarmee gemakkelijk winst kon gemaakt worden? Zoethouders? Heeft ze wel voldoende reden om tevreden te zijn? Wellicht is ze er in geslaagd jonge mensen inspiratie en waarden door te geven waardoor ze goed verdienen en materiële welstand bereiken? Drukt haar droom niet ook en vooral de wens uit dat de volgende generatie verder komt: meer dan distribueren, het geld van de verkoop gebruiken voor verdere opleiding. 
 
Ik sluit niet uit dat deze droom te beluisteren valt als een grote droom: brengt hij het ganse levensproject van de droomster in beeld, stelt hij haar levensproject in vraag? Was haar leven saai en inhoudsloos of juist leuk, zinvol en geslaagd? Hoe evalueert ze haar ouder-, mentor- en supervisorrol? Hoe denkt ze over zichzelf als schakel in de keten van generaties? 
 
Deze droom roept vooral vragen op en nodigt uit tot verdere analyse van de droomster. Nog steeds ben ik niet klaar met mijn vragen: waarom heeft de dromer zich als vrouw in mijn geest present gesteld? Als ik alles herlees, bekruipt me een gevoel dat het ver gezocht is. Ik ben vooral benieuwd naar de vrije invallen van de droomster/dromer bij de verschillende onderdelen van de droom. Haar associaties zullen niet banaal zijn. Wat verlang ik toch naar die goede, oude Freud. Wie de droomster ook moge zijn, ik hoop dat ze mijn gedachten van dit moment, snel vergeet. Wel moet ik toegeven dat haar volgende droom - nadat ze van deze mijmeringen kennis heeft genomen - me zeer zou interesseren. 
 
* De in het Engels gedroomde droom is vertaald door Annelies van Hees, daarna besproken door Annelies van Hees, Minke de Jong en Rolien van Mechelen. De vierdejaars kandidaten van de NVPA opleiding buigen zich ook over droom en dromer/droomster en na al deze stappen geeft Marc Hebbrecht de finale analyse van de Coca Cola dream.
 

Zie ook andere afleveringen van DROOMdenken.