Skip directly to content

Vereisten voor het NVPA-lidmaatschap

Het toekennen van het aspirant-lidmaatschap, bijzonder aspirant lidmaatschap, resp. lidmaatschap en bijzonder lidmaatschap is mogelijk nadat:

  1. de theoretische opleiding met goede evaluaties is afgerond;
  2. de praktische opleiding met goede evaluaties is afgerond;
  3. de kandidaat over een door hem verrichte analyse een voordracht heeft gehouden ter verkrijging van het aspirant-lidmaatschap;
  4. en een theoretisch werkstuk heeft afgeleverd voor het verkrijgen van het lidmaatschap.       

Voor de realisering van het praktische deel van de opleiding (het verrichten van analyses) is de kandidaat primair aangewezen op de mogelijkheden die de eigen werkkring biedt. Tevens kan de kandidaat een beroep doen op het Nederlands Psychoanalytisch Instituut (hierna genoemd het NPI) in Amsterdam of Utrecht. Voor het inhoudelijk aspect van de praktische opleiding draagt de OC  (evaluatiecommissie) de verantwoordelijkheid (supervisie bij indicatieonderzoek, uitvoering indicatiestelling en supervisie van analyses en therapieën).

Indien de indicatiestelling en behandeling in het kader van het NPI worden uitgevoerd, wordt de verantwoordelijkheid met het NPI gedeeld. 

Over het lidmaatschap

Hieronder volgen enkele relevante artikelen van het huishoudelijk reglement waarin de regels omtrent het lidmaatschap nader zijn omschreven.

Artikel 1
Voor het lidmaatschap, bijzonder lidmaatschap, aspirant lidmaatschap, bijzonder aspirant-lidmaatschap en het kandidaat-lidmaatschap komen in aanmerking zij die zijn opgeleid op academisch niveau en werkzaam als professional in de geestelijke gezondheidszorg en/of de geneeskunde.

 
Artikel 2
Het kandidaat-lidmaatschap wordt verkregen zodra men met de theoretische cursus is begonnen. Het kandidaat-lidmaatschap is beëindigd zodra de opleiding wordt afgebroken of het aspirant-lidmaatschap cq bijzonder aspirant-lidmaatschap wordt behaald. 
 
Artikel 3
Het aspirant-lidmaatschap of het bijzonder aspirant-lidmaatschap wordt verkregen op voorstel van het bestuur gericht aan de leden van de vereniging. Dit voorstel doet het bestuur nadat het kandidaatlid  op uitnodiging van het bestuur en op advies van de registratiecommissie, op een wetenschappelijke vergadering van de vereniging, of indien daar reden toe is voor een besloten groep van minimaal 3 leden van de vereniging, een voordracht heeft gehouden over een zelf verrichte analyse. Het aspirant-lidmaatschap of het bijzonder aspirant-lidmaatschap is beëindigd zodra het lidmaatschap wordt behaald.
 
Artikel 4
Het lidmaatschap of het bijzonder lidmaatschap wordt verkregen op voorstel van het bestuur gericht aan de leden van de vereniging. Het bestuur doet dit voorstel op advies van de registratiecommissie nadat het aspirant-lid met goed gevolg zijn opleiding met een theoretisch werkstuk heeft afgerond.
 
Artikel 5
Leden en aspirant-leden van door de IPA erkende psychoanalytische verenigingen kunnen zonder aanvullende eisen lid respectievelijk aspirant-lid van de vereniging worden. Een verzoek daartoe dient schriftelijk bij het bestuur te worden ingediend. Het lidmaatschap wordt verkregen op voorstel van het bestuur aan de leden van de vereniging nadat bij onderzoek door de registratiecommissie de aanvraag valide is gebleken. 
 
Artikel 6
Leden en bijzondere leden kunnen zich na het behalen van het lidmaatschap als analyserend analyticus/analytica laten registreren in het hiertoe aangelegde register.

Om in het register ingeschreven te blijven als analyserend analyticus/a 

  • moet men volwassenen met een frequentie van 4 of 5 keer per week blijven analyseren;
  • blijven deelnemen aan een analytische intervisiegroep;
  • blijven deelnemen aan nascholingsactiviteiten zoals de wetenschappelijke vergaderingen van de vereniging en psychoanalytische studiedagen of congressen;
  • dient men zich iedere vijf jaar opnieuw te laten registreren.                        

Om in het register ingeschreven te blijven als analyserend kinderanalyticus/a

  • moet men kinderen cq adolescenten blijven analyseren met een frequentie van minstens 3 keer per week;
  • blijven deelnemen aan een analytische intervisiegroep;
  • blijven deelnemen aan nascholingsactiviteiten zoals de wetenschappelijke vergaderingen van de vereniging en psychoanalytische studiedagen of congressen;
  • dient men zich iedere vijf jaar opnieuw te laten registreren.